10 leuke activiteiten – van letterherkenning tot fijne motoriek
Auteur: Tanja Damhof
webshopeigenaar en moeder
Wie zegt dat letters stilletjes op een werkblad moeten staan? Met rijgletters kun je ze pakken, voelen, zoeken, sorteren én aan elkaar rijgen!
De Lowercase Lacing Alphabet van Learning Resources is zo’n materiaal dat taal en motoriek heel vanzelfsprekend met elkaar verbindt. De letters nodigen uit om te ontdekken en met de veters kun je eindeloos variëren.
Natuurlijk kun je er woorden mee maken, maar er is nog veel meer mogelijk. Ik geef je 10 ideeën om thuis, in de klas of tijdens therapie met deze rijgletters aan de slag te gaan.
1. Rijg je eigen naam
Een mooie eerste activiteit: zoek alle letters van je eigen naam en rijg ze aan een veter.
Voor jonge kinderen is dit een leuke manier om kennis te maken met letters. Benoem tijdens het zoeken de letters en spreek eventueel samen de klanken uit.
Je kunt de activiteit motorisch wat uitdagender maken door de letter met de ene hand vast te houden en de veter met de andere hand door het gaatje te halen.
2. Wie vindt zijn letter?
Noem een letter en laat het kind deze tussen alle letters zoeken.
“Kun jij de m vinden?”
Heb je meerdere exemplaren van dezelfde letter? Laat ze dan allemaal verzamelen en aan een veter rijgen.
Een eenvoudige activiteit waarbij letterherkenning, visueel zoeken en fijne motoriek samenkomen.
3. Alfabet op een rij
Kun jij het alfabet maken?
Leg de letters door elkaar en laat het kind ze zoeken en in de juiste volgorde aan een veter rijgen. Je hoeft natuurlijk niet meteen met alle 26 letters te beginnen. Start bijvoorbeeld met a tot en met f en breid het rijtje steeds verder uit.
Voor kinderen die het alfabet al goed kennen, kun je de letters expres door elkaar leggen en ze zelf de juiste volgorde laten ontdekken.
4. Maak een woord
Geef een eenvoudig woord, zoals bal, vis, maan of boom.
Laat het kind de juiste letters zoeken en het woord rijgen. Spreek het woord langzaam uit en luister samen naar de verschillende klanken.
Voor kinderen die al wat verder zijn, kun je alleen het woord zeggen en hen zelf laten bedenken welke letters nodig zijn.
Zo oefen je spelenderwijs letterherkenning, klanken, spelling en woordvorming.
5. Welke letter hoor je?
Zeg een woord, bijvoorbeeld kat.
“Welke letter hoor je vooraan?”
Laat het kind de k zoeken. Daarna kun je ook de middelste of laatste klank laten zoeken.
Dit is een leuke manier om de eerste stappen richting fonologisch bewustzijn te oefenen, zonder dat het als een taaloefening hoeft te voelen.
6. Rijg een patroon
Je hoeft helemaal geen woorden te maken met de rijgletters. Maak eens een patroon:
a – b – a – b – a – b
Kan het kind het patroon verder afmaken?
Je kunt ook met kleuren werken. Bijvoorbeeld een rode letter, een blauwe letter, een rode letter, een blauwe letter.
Hiermee oefen je naast motoriek ook patroonherkenning, aandacht, werkgeheugen en planning.
7. Eerst sorteren, dan rijgen
Leg een hele verzameling letters op tafel. Geef daarna een opdracht:
-
zoek alle dezelfde letters
-
sorteer de letters op kleur
-
zoek alle letters uit je naam
-
zoek bijvoorbeeld alle klinkers
-
maak groepjes van letters die hetzelfde klinken
Zijn de letters gesorteerd? Dan kunnen ze natuurlijk alsnog aan een veter worden geregen.
Zo ontstaat er telkens weer een andere activiteit met hetzelfde materiaal.
8. Letterjacht in een sensorische bak
Verstop een aantal letters in een bak met bijvoorbeeld waterbeads, kinetisch zand of een ander geschikt sensorisch materiaal.
Noem een letter die gezocht moet worden.
Gevonden? Benoem de letter en rijg hem vervolgens aan de veter.
Hier voeg je een tactiele prikkel toe aan letterherkenning en fijne motoriek. Voor sommige kinderen maakt juist die extra sensorische ervaring een activiteit aantrekkelijker en uitnodigender.
Als je de letters in klei verstopt is de vingermotoriek meer gevordert dan bij zacht materiaal.
9. Zelf een woord bedenken!
Laat ieder kind eerst dezelfde letters zoeken en vervolgends een woord vormen. Kijk hoeveel woorden daarmee gemaakt kunnen worden.
Voorbelden:
A – K – T – R – E.: kat, kar, tak, raket
B – A – L – S – T: bal, bas, las, tas, stal
A – A – E – L – R – S – T – N – K – I: kater, later, laten, laster, raken, raket, staren, starten, stralen, sterk
10. Wie maakt het langste woord?
Geef ieder kind een veter en laat ze een lang woord maken.
Het hoeft natuurlijk niet altijd om winnen te gaan. Juist het zoeken naar mogelijkheden en het nadenken over letters maakt dit een leuke uitdaging.
En dan nog een motorische uitdaging…
Bij rijgen zijn eigenlijk automatisch beide handen betrokken. De ene hand houdt de letter of veter vast, terwijl de andere hand de beweging uitvoert.
Wil je de bilaterale coördinatie extra aanspreken? Laat het kind de letter met één hand vasthouden en de veter met de andere hand door het gaatje halen. Daarna kun je de rollen omdraaien.
Je kunt ook eens bewust de niet-dominante hand laten gebruiken.
Zo wordt een eenvoudige rijgactiviteit ineens een mooie oefening voor fijne motoriek, oog-handcoördinatie, handvaardigheid en motorische planning.
Niet alles hoeft een opdracht te zijn
En misschien is dat wel het leukste aan deze set: je hoeft er niet altijd een leerdoel aan te hangen.
Laat een kind zelf letters uitzoeken, kleuren sorteren, een lange rij maken of gewoon lekker rijgen. Juist door zelf te ontdekken, ontstaan vaak de leukste spelideeën.
De Lowercase Lacing Alphabet combineert taalontwikkeling en motoriek op een heel natuurlijke manier. Kinderen zijn bezig met letters, terwijl hun handen ondertussen volop aan het werk zijn.
Een veter, een handvol letters en een beetje fantasie… meer heb je soms niet nodig om spelenderwijs te leren.
Laat een reactie achter